Hoe word ik beoordeeld?

 

Het examen bestaat uit vijf onderwerpen met in totaal 100 vragen. Over ieder onderwerp stellen we 20 vragen. Een aantal in het computerlokaal en een aantal in de praktijkhal.

 

U bent geslaagd als u op de examendag bij elk onderwerp ten minste 14 van de 20 vragen (70%) juist hebt beantwoord.
 

Voor een uitgebreide uitleg over de opbouw en samenstelling van het examen gaat u naar: ‘Hoe ziet mijn examendag eruit’.